Intro
Van 6 tot 24 november 2025 ben ik met Nico op vakantie geweest naar Bonaire. In een reeks natuurblogs vertel ik over onze bijzondere ontmoetingen, mooie waarnemingen, interessante plekken, landschappen en de veelzijdigheid van Bonaire. In deel 6 van het Bonaire avontuur blijven we bij het water, maar dan boven water. Op 14 en 15 november brachten we een bezoek aan het Gotomeer en Playa Frans. Het Gotomeer is een schilderachtig zoutwatermeer, waar talloze vogels floreren. Het Gotomeer ligt in het noordwesten van Bonaire. Een paar kilometer verder ligt het strandje Playa Frans.
14 november 2025 – Gotomeer
Met de wind in de rug fietsen we via de Queen’s highway richting de noordwestpunt van Bonaire. Om de hitte enigszins voor te zijn, zijn we 07:30 op de fiets gestapt. Onderweg stoppen we af en toe, want vogels vragen onze aandacht. Tropische spotlijsters zingen vanuit alle hoeken, grijze koningstiran mooi in de top van een cactus. Kuifcaracara overvliegend. Langs de kust een Amerikaanse goudplevier. Op het moment dat ik deze steltloper wil fotograferen, vliegt deze op. Enkele bruine pelikanen houden ons in de gaten, maar laten zich wat beter bekijken dan de plevier. Een groepje koningssterns vliegt strak door richting het noordwesten. Een prachtig gezicht zo over de blinkende zee.

We staan bij het zuidelijkste puntje van het Gotomeer en zien met het blote oog al vele vogels. Een grote wenssoort voor vandaag is de bandijsvogel. Een onmiskenbare soort: een ijsvogelsoort met een donkere kop met daaronder een brede witte halsring, donkere borstband, witte onderzijde, verder overwegend grijs. In bepaalde lichtomstandigheden blauwgrijs tot groengrijs. Mannetjes soms met rode tinten op borst en buik. Verder heel duidelijk de proporties van een ijsvogel: gedrongen bouw, korte poten, vrij grote ogen en een massieve dolkvormige snavel. Gespecialiseerd in het vangen van vis. Bandijsvogels leven daarnaast ook van reptielen, amfibieën en kreeftachtigen. Met een lengte van 30 tot 33 cm is de bandijsvogel twee keer zo groot dan onze Europese ijsvogel. De bandijsvogel is wat vogelaars een droomsoort noemen. Een soort waar je weleens over droomt en sterk naar verlangt om in het echt te zien. Vol goede moed scan ik de rotsachtige oevers en boven het water overhangende takken af. Geen bandijsvogel, wel ander moois.

We zien de ene na de andere prachtsoort: roodhalsreiger en het Amerikaanse neefje van onze Europese grote zilverreiger, de Amerikaanse grote zilverreiger. Amerikaanse steltkluten, grote geelpootruiter, kleine geelpootruiter, Caribische flamingo’s en ook de eerste eenden, een negental Bahamapijlstaarten. Terwijl we richting een uitkijkpunt fietsen worden we overspoeld door een scala aan kleurrijke zangvogels. Oranje troepialen, gele troepialen, maïsparkieten, witoogspotlijster, suikerdiefje, gele zanger, maskergrondvink. De oranje troepiaal is naar mijn smaak de mooiste soort die we hier zien in de top van een struik. De vogel zingt af en toe, waarna deze wordt verjaagd door een soortgenoot. Oranje troepiaal is de nationale vogel van Venezuela, vandaar staat de soort ook bekend als Venezolaanse troepiaal. Net zoals de Caribische flamingo de nationale vogel van Bonaire is, en de grutto voor Nederland. Vogels als symbool, niet alleen vanwege het kleurrijke uiterlijk, ook omdat het land waar ze symbool voor staan in meerdere opzichten essentieel is als leefgebied.


Een stukje verderop nemen we positie op het uitzichtpunt ‘Mirante’, vanwaar we een prachtig uitzicht hebben over het Gotomeer en het omliggende bergachtige landschap. Het doet wel wat denken aan Jurassic Park. Verspreid in het meer staan flamingo’s, visarenden vliegen rond, maar ook tientallen boerenzwaluwen foeragerend op insecten. Vanaf het uitzichtpunt dalen we af naar de weg ‘Kaminda Goto’, welke langs de oostkant van het meer loopt. Vanaf hier zijn groepen flamingo’s wel erg mooi te bekijken. Ook laten veel steltlopers zich hier mooi observeren. Kleine geelpootruiters zijn goed vertegenwoordigd, grote geelpootruiter is schaarser. Ook zien we hier een grijze strandloper op grote afstand foerageren. Kleinste strandlopers daarentegen zitten pal langs de weg, bijna onzichtbaar. Je kijkt er makkelijk overheen, die kleine en goed gecamoufleerde verenbolletjes. Even verderop staan twee steltstrandlopers mooi dichtbij.



Omdat de zon in kracht toeneemt, besluiten we weer wat beschutting op te zoeken onder bomen. Maar niet voordat we nog even de tijd hebben genomen om enkele kleine geelpootruiters te observeren. De vogels lopen zo dichtbij, zo krijg je ze in Nederland niet of zelden te zien. En ook nog met gunstige lichtomstandigheden. Zelfs wanneer we de vogels voorzichtig benaderen, blijven ze rustig ter plaatse. Druk foeragerend en af en toe het verenkleed poetsend. Ook leuk is een groepje foeragerende oeverzwaluwen.

Eenmaal in de schaduw nemen we pauze en eten en drinken wat. We zijn gearriveerd bij Echo Dos Pos Conservation Centre. Op deze plek worden onder andere geelvleugelamazone’s opgevangen die illegaal in het wild zijn gevangen voor handel als huisdier. Door deze stroperij zijn de papegaaien, die ook bekend staan als Lora’s, zeldzaam geworden op Bonaire. Naar schatting komen enkele honderden tot ongeveer 1000 exemplaren nog voor in het wild op Bonaire. Nadat de Lora’s zijn opgevangen worden ze weer vrijgelaten. Andere maatregelen om de papegaaien een toekomst te bieden, is het verbeteren/herstellen en in stand houden van geschikt leefgebied. Natuurorganisaties op het eiland slaan samen met vrijwilligers de handen ineen. Op de plek waar we pauzeren laten musduifjes zich leuk bekijken. De vogels komen regelmatig drinken uit een fontein. De naam musduif is zeer toepasselijk, want het zijn echt kleine duifjes. Het is één van de talrijkste vogels op Bonaire.

Vanaf het Echo Dos Pos Conservation Centre lopen we via een wandelroute omhoog. Aanvankelijk is het prima te doen, omdat we in de schaduw van bomen en struiken lopen. Maar hoe verder we doorlopen hoe warmer het wordt. Het is inmiddels rond 10:30 en behoorlijk heet, het is weer een beetje afzien. Echter, we hebben wel gekozen voor de korte route i.p.v. lange route. En het zal niet lang duren voor we weer in de schaduw lopen. Op enkele honderden hagedissen na, is er vrij weinig te zien langs de wandelroute. Vogels zitten vooral in de lager gelegen gebieden, in de luwte. Langs de route is het vooral genieten van het woestijnlandschap, en het uitzicht over het Gotomeer, met op de achtergrond de hoogste berg van Bonaire, de Brandaris.



Eenmaal in lager gelegen gebied, komen we binnen de kortste keren weer allerlei vogels tegen. Kuifcaracara’s langs de weg, maïsparkieten, tropische spotlijsters, suikerdiefjes, musduifjes en gele troepialen. Enkele groene leguanen zitten verscholen in heggen en bosjes. Eenmaal terug bij onze fietsen nemen we een paar slokken water, en fietsen via het plaatsje Rincon langzaam terug naar ons appartement. In Rincon doen we boodschappen, al moeten we wel eerst goed zoeken naar de plaatselijke supermarkt. Deze zit goed verborgen tussen krakkemikkige schuurtjes en stoffige oude panden. Rincon is een oude nederzetting op het eiland en dat straalt het ook uit. Het wegdek bestaat net als vele andere wegen op Bonaire plaatselijk uit scheuren en gaten, houten hoogspanningsmasten die her en der scheef staan, muurtjes die op instorten staan. Een primitief dorpje dat in schril contrast staat met het 16 km verderop gelegen Kralendijk, waar het toerisme de lokale bewoners lijkt de overspoelen. Ongekende rust in Rincon, stadse drukte in het door toeristen overspoelde Kralendijk.

Om 13:30 zijn we terug bij onze uitvalsbasis en nemen we een paar uurtjes rust. Eind van de middag nemen we nog een duik bij Oil Slick Leap. ’s Avonds nog even nachtvlinderen, waarna het hoog tijd is om te slapen.


15 november – Playa Frans
Zaterdag 15 november, 08:00. Na een goede nachtrust zijn we weer opgeladen. Vandaag staat Playa Frans op het programma, een prachtig strand, niet ver van het Gotomeer. We beginnen de dag rustig met ontbijt en 11:00 fiets ik naar Kralendijk om boodschappen te doen. Tegelijkertijd zal ik een kijkje nemen bij Salina North. Salini North is een zoutwaterbaai met jachthaven aan de noordkant van Kralendijk. Een leuke plek om te vogelen. Er zitten steevast meerdere soorten reigers en steltlopers, en het is een belangrijk foerageer- en rustgebieden voor visarenden. Dit keer zitten er meerdere Amerikaanse regenwulpen, Caribische flamingo’s en drie soorten reigers: roodhalsreiger, Amerikaanse blauwe reiger en Amerikaanse kleine zilverreiger.


15:00 fietsen we weer richting Gotomeer. Vanaf de zuidkant van het Gotomeer fietsen we via een breed zandpad richting Playa Frans, aan de noordwestkust. Dit zandpad loopt vlak langs de kustlijn en is niet ideaal per fiets. Dit vanwege de vele hobbels. We doen dus weer lekker rustig aan en stoppen zo nu en dan. Nico ziet een vreemde vogel op het hek rondom BOPEC, het plaatselijke olieopslag terrein van Bonaire. Ik heb de vogel ook snel in beeld, maar details zijn lastig te zien door het felle tegenlicht. Het gedrag en silhouet doen denken aan een soort koekoek. Grote kans dat het om een geelsnavelkoekoek gaat, een schaarse doortrekker op Bonaire. We fietsen een stukje door zodat we de vermeende geelsnavelkoekoek met het licht mee kunnen bekijken. Eenmaal met de zon in de rug is meteen duidelijk dat het inderdaad een geelsnavelkoekoek betreft, fraaie soort.
Een soort die lang op mijn verlanglijstje stond. In oktober 2022 werd de eerste geelsnavelkoekoek voor Nederland ontdekt op de Maasvlakte (nabij Rotterdam). Slechts een handvol gelukkige vogelaars waren op tijd om deze vogel te zien, alvorens deze het water in vloog en verdronk (en onderkoeld raakte). Een trieste afloop van zo’n bijzondere ontdekking en mooie vogel, die ongetwijfeld vanuit Noord-Amerika met een schip is meegekomen en vervolgens verzeilt is geraakt op de Maasvlakte. De vogel maakte bij ontdekking al een verzwakte indruk. Maar dit exemplaar op Bonaire is zeer levendig, verdwijnt al snel uit zicht. Helaas, want ik stond op het punt de vogel op de gevoelige plaat vast te leggen. Geelsnavelkoekoek is een onmiskenbare soort: naast de overwegend gele snavel zijn de witte onderzijde, bruine bovenzijde met kaneelkleurige tekening op vleugels en een zwartwit getekende lange staart typerend. Even verderop hebben we meer geluk, want een drietal geelsnavelkoekoeken laat zich langdurig van dichtbij bekijken. De vogels zijn alert, maar niet heel schuw.


Een stop bij Salina Tam, een zoutwaterbaai tussen Gotomeer en Playa Frans, blijkt ook een vogelwalhalla. Kuifcaracara op de uitkijk, bruine pelikanen in rust, gele zangers en oranje troepialen zingend en meerdere groene reigers, roodhalsreigers, Amerikaanse kleine zilverreigers en witbuikreigers foeragerend. Ook de steltlopers zijn weer goed vertegenwoordigd met als talrijkste soorten kleine geelpootruiter en Amerikaanse steltkluut. Verderop een Amerikaanse bontbekplevier.



Vervolgens fietsen we door tot we aankomen bij Playa Frans. Als we hier arriveren is het weer alsof we een droom binnenlopen. Een prachtig verlaten strand met daarboven zwevende fregatvogels en een bruine pelikaan op de rotsen. Maar in het naastgelegen Saliña Frans wemelt het van de vogels. Veel soorten en hoge aantallen. En weer die associatie met een scene uit Jurassic Park. In de tuinen rondom de paar huisjes die er staan, vliegen musduifjes af en aan, maïsparkieten, suikerdiefjes, geoorde treurduifjes, nog een geelsnavelkoekoek en groepjes geelvleugelamazone overvliegend. In het heldere water van Saliña Frans foerageren kleine geelpootruiters, grote geelpootruiters, Amerikaanse steltkluten, bruine pelikanen, witbuikreigers, roodhalsreigers, Amerikaanse kleine- en grote zilverreigers en de beide blauwe reigers, kleine- en grote Amerikaanse blauwe reiger zijn ook present. Het is overweldigend. Verderop wat minder algemene steltlopers, zoals Bonapartes strandloper en Amerikaanse oeverloper. Van zeer dichtbij enkele kleinste strandlopers. Tot op drie meter, zo dichtbij hadden we ze nog niet. Enkele visarenden cirkelend door het luchtruim, groene reigers op de rotswanden.


Ongetwijfeld zal hier ook ergens een bandijsvogel zitten, Saliña Frans is uitermate geschikt voor de soort. Rotsige kusten met over het water hangende takken. En grote aantallen reigers, pelikanen en rondvliegende visarenden verklappen dat hier genoeg voedsel te halen valt in de vorm van o.a. vis. Herhaaldelijk overhangende takken afspeuren levert niet deze grote wenssoort. Maar we zijn al dik tevreden met alles om ons heen. Na het bewonderen van deze magische vogelplek gaan we nog de zee in om te snorkelen. Dit levert nog een leuke nieuwe vissoort op, de groene murene. Het begint te schemeren, de dagen lijken op Bonaire sneller voorbij te vliegen dan in Nederland. Tijd om af te drogen en huiswaarts te keren. Althans, huiswaarts op Bonaire. Op de terugweg in de duisternis zien we nog enkele witstaartnachtzwaluwen foerageren. Qua foerageergedrag en silhouet lijken ze op de nachtzwaluw die in mei-september als broedvogel in Nederland voorkomt. Witstaartnachtzwaluw is broedvogel op Bonaire en de enige nachtzwaluw die nagenoeg jaarrond te zien/horen is op het eiland.
Wederom moe maar zeer voldaan ploffen we neer in ons appartement. Weer een onvergetelijke dag met de ene na de andere prachtige waarneming. En weer een aantal soorten die we nog niet eerder zagen. In deel 7 van ons Caribische avontuur belanden we weer op een hele andere plek. In de buurt van het drukke Kralendijk. Dit keer samen met een metgezel, Diederik van Dullemen. Diederik kwam ik met zijn vrouw Melissa van Hoorn tegen tijdens het hardlopen. Beiden ken ik van de woonwijk Engelse Park in Groningen, waar Siska woont. Leuk om zo bekenden tegen te komen, met gemeenschappelijke interesses.

